Brouwerij

Na twintig jaar een drukkerij te hebben gerund in het fraaie pand aan de Kostersgang in Groningen besloot ondernemer Albert-Jan Swierstra het over een andere boeg te gooien. De vraag naar drukwerk neemt af en de vraag naar speciaalbieren neemt toe. Het ene ambacht heeft plaatsgemaakt voor het andere. Waar eens de drukpers stond te draaien, staan nu brouwketels te pruttelen. Wat begon als een hobby in de keuken thuis is uitgegroeid tot een professioneel bedrijf en een basis voor de toekomst. Brouwerij Martinus is een familiebedrijf, zoon Martijn is de brouwer en echtgenote Henriëtte manust van alles. Ook zoons Vincent en Emiel zijn regelmatig achter de tap te vinden naast barman Marc.

Er is heel wat bedrijvigheid als de brouwerij en de bottelarij op volle toeren draaien. Brouwerij Martinus heeft een brouwcapaciteit van 10.000 liter per maand. Op de begane grond worden de speciaalbieren gebrouwen in brouwketels van 1000 liter. In zes tanks van 2000 liter worden de bieren gegist en gelagerd.

Daarna wordt een gedeelte van de bieren naar de uitschenktanks op de bovenste verdieping gepompt die verbonden zijn met de taps in het proeflokaal. Een ander deel gaat in fusten en een deel wordt gebotteld in de flessenvulmachine.

De brouwinstallatie en de tanks zijn ontwikkeld en geproduceerd door de Belgische firma Coenco.

Met een lekker biertje in de hand kunt u genieten van het brouwproces.

Brouwerij Martinus wil graag een bijdrage leveren om Groningen als bierstad op de kaart te zetten. Tijdens de rondleidingen met een bierproeverij, eindigend op het dakterras met uitzicht op de Martinitoren, kunt u het bierbrouwproces van dichtbij meemaken, de bijzondere architectuur van het pand bewonderen en ervaren dat, als je erin gelooft, dromen kunnen worden waargemaakt.

ZO BEGON HET

De Kostersgang 32-34 is een uniek pand met architectuurhistorische waarde.

 Brouwerij Martinus is gevestigd in een industrieel pand in de binnenstad van Groningen. Dit vroeg-naoorlogse, curieuze pand is gebouwd op het perceel van twee afgebroken, 19e eeuwse bedrijfspanden, naar ontwerp van de bekende Groningse architect Frans Klein (1907 – 1973). Opdrachtgever was Fa. P.C. Nanninga, fabrikant van de Calmix petroleumkachels, die daar werkplaatsen en magazijnen ging vestigen om sloten en (deur-) krukken te maken.

Het ontwerp werd in augustus 1945 door Klein getekend, zijn eerste ontwerp als zelfstandig architect.

De gemetselde gevels, de houten daklijst met traditionele profilering, de stalen ramen en het schuine pannendak zijn kenmerken uit de gebruikelijke vooroorlogse pakhuisbouw. Klein combineert deze onderdelen met nieuwe plastische vormelementen door te experimenteren met materialen en vormen.

Voorbeelden zijn het gebruik van vensterbankstenen langs drie zijden van de raampartij, metselwerk dat de suggestie van natuursteenblokken geeft, de dubbele stalen ramen in een frame met betonnen stijl en betonlijst en de decentrale travee.

Dit resulteert in bijzonder vormgegeven raampartijen, een in het oog springende hijstravee met kopgevel en het gebruik van kleur als structuur gevend element. Elke raampartij bestaat uit twee stalen ramen, negen-ruits roedeverdeling, van elkaar gescheiden door een betonnen penant, gelegen onder een betonnen lijst. Het kathedraalglas dat nog in een deel van de ramen zit, is het originele glas.

Het pand is opgebouwd uit gemetselde gevels van roodbruine gesinterde steen (voorgevel en borstwering zijgevels), rode Groninger baksteen (zijgevels) en gele klinkers (hijstravee).

De interne draagconstructie bestaat uit stalen liggers  op betonnen penanten. Daarop zijn betonnen vloeren gelegd. Ook de begane grond vloer is van gegoten beton en een centrale betonnen kolom maakt het mogelijk de ruimte geheel vrij te houden en optimaal te gebruiken als magazijn. Een betonnen trappenhuis achterin verbindt de drie verdiepingen.

Bron: Groninger archieven

ZO GAAT HET VERDER

In 1995 nam Albert-Jan Swierstra het pand met de daarin sinds 1979 gevestigde drukkerij over, onder de naam Het Grafisch Huis. Het ene ambacht heeft plaatsgemaakt voor het andere. Waar eens de drukpers stond, staan nu brouwketels en lagertanks. Om de brouwketels en de 3.70 m hoge lagertanks op de begane grond te kunnen plaatsen, zijn er gaten in het plafond gezaagd. In het midden van het pand zijn nog eens gaten in beide plafonds gezaagd waar doorheen de zware zakken mout naar de moutzolder worden getakeld.

Daarboven is een lichtkoepel in het dak gemaakt die samen met de raampartijen zorgt voor een schitterende lichtinval op elk uur van de dag. De ruimten zijn weer vrij, zoals in het oorspronkelijke ontwerp van Klein, de drie verdiepingen staan nu op een unieke manier met elkaar in contact.

Op de begane grond wordt het speciaalbier gebrouwen, de twee verdiepingen daarboven zijn ingericht als proeflokaal. Een schitterend dakterras met uitzicht op de Martinitoren maakt de bierbeleving in Brouwerij Martinus compleet.

Brouwerij
Brouwerij